Logo Fotoacademie

Onderdeel van

ENG> OPEN CALL <

Onderdeel van

Direct inschrijven

Specialisatie: documentair (portret) en fotoredactie

Te bereiken via: nicolesegers@fotoacademie.nl

www.nicolesegers.com

 

Kun je jezelf kort voorstellen?

Nicole Segers: autodidact. Sinds 1981 werkzaam als fotograaf. Ik werk voornamelijk in langdurige projecten, vaak over jaren. Ik ben documentair fotograaf, maar zie mijn werk niet als zuiver verhalend, ik zoek ook altijd naar de autonomie in het beeld. Mijn werk ontstaat voornamelijk vanuit reizen, eerst jarenlang door het zuiden van Afrika, sinds 2001 door het oosten van Europa.

© Nicole Segers - Macedonië

© Nicole Segers - Macedonië

© Nicole Segers - Albanië

© Nicole Segers - Albanië

© Nicole Segers - Albanië

© Nicole Segers - Albanië

© Nicole Segers - Bosnië en Herzegovina

© Nicole Segers - Bosnië en Herzegovina

© Nicole Segers - Kosovo

© Nicole Segers - Kosovo

© Nicole Segers - Kroatië

© Nicole Segers - Kroatië

Wanneer en hoe is bij jou de liefde voor fotografie ontstaan?

Toen ik op mijn 21ste mijn eerste spiegelreflexcamera kreeg en door de zoeker keek, wist ik: dit is het. Zo kon ik naar de wereld kijken, in de luwte blijven achter de camera en de werkelijkheid om me heen begrijpen. Die liefde werd in de jaren daarna alleen maar vergroot. Mijn leermeester Leo Divendal leerde me kijken door me mee te nemen in zijn gigantische boekencollectie. Ik maakte kennis met de hele geschiedenis van de fotografie, Tina Modotti, Emmy Andriesse, Henri Cartier-Bresson, Walker Evans en Paul Strand, Eva Besnyö en vele vele anderen. Er ontstond ook een andere liefde: die voor boeken.

 

Hoe lang werk je al als mentor voor de Fotoacademie en wat doe je dan precies?

Ik werk sinds 2012 als mentor bij de Fotoacademie. Ik begeleid in een-op-een gesprekken beginnende fotografen. Meestal gaat het dan om seriematigheid en het opzetten van een project. Dat zijn vaak intensieve sessies, waarin ik studenten leer om hun ideeën in beelden om te zetten. Het gaat uiteindelijk om het visueel leren denken. Dat kan nog al eens lastig zijn. Voor mij is het bijzonder om als autodidact in het kader van een instituut te werken. De academie biedt mensen een heel palet aan mogelijkheden, een soort gereedschapskist waar je uit kunt putten. Dat heb ik zelf nooit zo gekend, ik heb alles zelf uitgevonden, veel via trial-and-error. Ik zie dat als een mooie combinatie en hoop dat ik daarmee studenten stimuleer om die gereedschapskist niet als keurslijf te zien en vooral zelf te blijven denken. Het is geen wiskunde wat wij ze hier leren.

 

Waar let je op bij het beoordelen van foto’s en is er een bepaalde serie van een student die je altijd is bijgebleven?

Voor mij bestaan er in principe geen goede foto’s. Alles gaat over context en over de visie van de fotograaf. Ik hou van beeld, maar het moet voor mij wel ergens over gaan. Dat verlang ik soms ook van studenten, dat ze kwetsbaar willen zijn en bereid zijn te praten over hun werk. Het zoeken naar een geheel, naar je eigen stem, het proces van maken, dat is het mooiste wat er is. Zo kijk ik ook als ik naar werk kijk of beoordeel. Wat moet de wereld met jouw verhaal? Er is zoveel wat me is bijgebleven. Dat is nauwelijks te beantwoorden. Vaak beginnen verhalen of projecten heel klein, letterlijk, dan komt een student met printjes op het formaat van een halve ansichtkaart en durft er nauwelijks mee naar buiten. Er was iemand die ik begeleidde die heel persoonlijk werk had waar zij zichzelf letterlijk blootgaf en uiteindelijk vanuit zo’n stapeltje haar foto’s in een gigantische draaiende carrousel op haar eindexamen liet zien. Dat was wel heel indrukwekkend om mee te maken.

 

Wat vind je het leukste aan het mentor zijn?

Wat is er niet leuk aan mentor zijn?! Het is afwisselend, ik ontmoet zoveel mensen, kom in aanraking met zoveel verhalen, persoonlijkheden, levensgeschiedenissen. Het creatieve proces is vaak een heel persoonlijk proces, een zoektocht in de ziel, en dat mag je dan een tijdje meemaken met iemand. Dat is heel dierbaar. Er zijn studenten die vanaf het eerste jaar langskomen en waar ik uiteindelijk ook het eindexamenproject mee begeleid. Dan pink ik ook een traantje weg als ze slagen. Vooral omdat je dan ziet hoe ze gegroeid zijn en dat dat werk ineens, vanaf die eerste straatserie waar het mee begon, staat als een huis. Dat is het mooiste wat er is. Velen zijn nu collega’s, die prijzen winnen, die ik tegenkom in de fotografiewereld, bij avonden, tentoonstellingen.  

 

Werk je op dit moment aan een persoonlijk project en/of veel in opdracht? Kun je er kort iets over vertellen?

Half oktober komt mijn derde boek uit over de grenzen van Europa, waar ik acht jaar aan gewerkt heb: ‘Bloed en Honing – ontmoetingen op de grenzen van de Balkan’. Ik werk sinds 19 jaar samen met journalist en schrijver Irene van der Linde. Wij maken boeken waarin we documentairefotografie op een bijzondere manier laten samengaan met literaire non-fictie. Voor ons eerste boek ‘Het einde van Europa’ zijn we de 7000 km lange nieuwe oostgrens van de EU afgereisd, voor het tweede ‘Het veer van Istanbul’ zijn we een jaar in Istanbul gaan wonen en was de rode draad de Bosporus, als grens tussen Europa en Azië. Dit derde deel gaat over de versplintering op de Balkan, waar een lappendeken aan landjes is ontstaan na de verschrikkelijke oorlogen in de jaren ’90. Wat leveren die grenzen op? Dat terugtrekken in je eigen groep. Dat zie je nu overal in Europa gebeuren. We zijn ook zelf wat grenzen overgestoken: tekst en beeld vormen één doorlopend verhaal, onlosmakelijk verbonden. De scheidslijn tussen beiden is feitelijk opgeheven, dat is in het ontwerp heel mooi terug te zien.